Make your own free website on Tripod.com

1 World 2 Travel
Cuba
Spaans-Amerikaanse Oorlog

Een wereldrijk dankzij een defecte waterketel

Een zogeheten aanslag in de haven van Havana, op 15 februari 1988, op het pantserschip Maine vormde de aanleiding tot een Amerikaanse interventie op Cuba. Daar werd de Spaans-Amerikaanse oorlog beslecht. Pas in 1969 zou de US Navy bekend maken, dat het schip ontplofte wegens een defect in een waterketel.

De Amerikanen deden er alleszins een goede zaak mee, want na de Spaanse nederlaag verwierven ze niet alleen Cuba, maar ook het nabijgelegen Puerto Rico, en de Filippijnen, Guam en de Mariana Islands in de Stille Oceaan. De oorlog was al jaren eerder ingezet door Cubaanse nationalisten, die weg wilden van het Spaanse juk.
Een eerste revolte in 1868 mislukte en leidde tot een zinloze Tienjarige Oorlog, die 200.000 slachtoffers zou eisen. Spanje beloofde wel hervormingen, mar die kwamen er niet. In 1895 werd het menens. In de Amerikaanse publieke opinie gingen steeds meer stemmen op om de Cubaanse vrijheidsstrijders te helpen. Zowel Grover Cleveland als William McKinley, beiden US-presidenten, verzetten zich hiertegen.
De Spaanse eerste minister Praxedes Mateo Sagasta probeerde de opstandelingen nog te lijmen door Cuba een gedeeltelijke autonomie te beloven en de afschuwelijke strafkampen te sluiten, maar het verzet bleef halsstarrig doorvechten. De onafhankelijkheid moest totaal zijn.
Uiteindelijk zonden de USA de Maine naar Havana om de aldaar gevestigde Amerikaanse burgers te beschermen. Tijdens de nachtelijke explosie van de 'Maine' kwamen 260 mensen om. De Amerikanen beweerden dat hun schip bestookt was.
Na een speech van senator Redfield Proctor uit Vermont, in maart 1898, waarin die de onmenselijke toestanden op Cuba hekelde, keurde het Congres een resolutie goed waarmee Spanje de oorlog werd verklaard.
Op 25 april begonnen de vijandelijkheden en waarborgde het Congres de Cubaanse onafhankelijkheid.
Op 1 april werd de Spaanse vloot, die voor anker was gegaan in Manila Bay op de Filippijnen, vernietigd door de US Navy onder leiding van commodore George Dewey.
Op 1 juli 1898 bestormden Amerikaanse troepen Santiago de Cuba en blokkeerden zij de haven. Twee dagen later boorden zij een Spaanse vloot, die de blokkade poogde te doorbreken, de grond in.
Deze nederlaag van admiraal Pascual Cervera y Topete betekende het absolute einde. Generaal Nelson Miles bezette intussen Puerto Rico en op 18 juli vroeg Spanje vredesbesprekingen. Het Verdrag van Parijs werd ondertekend op 10 december 1898. De USA werden door de nieuw verworven gebieden meteen een wereldmacht.




CUBA
Main Page


  2001 december  copyright  vilmos  cvg   * information:   webmaster   * using this text for commercial purposes will not be allowed